Centrumreglement deel 5: Maatregelen bij orde- en tuchtproblemen


1. Overzicht van de mogelijke ordemaatregelen
2. De tuchtmaatregelen
3. Beroepsprocedure in geval van definitieve uitsluiting
Een goede samenwerking tussen de cursist en het personeel van het CVO is een noodzakelijke voorwaarde voor een vlot functioneren. Als deze samenwerking niet volgens de afspraken verloopt, kan het centrum passende maatregelen nemen.
Als het ordentelijk verstrekken van het onderwijs gehinderd wordt, zal het centrum de cursist ertoe aanzetten zijn gedrag te verbeteren en aan te passen.
1. Overzicht van de mogelijke ordemaatregelen
Ordemaatregelen die zowel door de directeur als door alle leraars kunnen genomen worden
-
een waarschuwing (mondeling),
-
een vermaning (schriftelijk per brief),
-
een tijdelijke verwijdering uit het leslokaal tot het einde van de lessen.
Ordemaatregelen die enkel door de directeur kunnen genomen worden
een begeleidingsovereenkomst
Een cursist die herhaaldelijk in de fout gaat, krijgt een contract waarin omschreven staat wat uitdrukkelijk van hem/haar wordt verwacht en wat de gevolgen zijn van het niet naleven van de bepalingen. Het contract wordt schriftelijk meegedeeld aan de cursist of aan de ouders van de minderjarige cursist, heeft een beperkte duur, wordt geregeld geëvalueerd en leidt uiteindelijk al dan niet tot het opstarten van de tuchtprocedure.
een preventieve schorsing
De directeur kan een cursist voorlopig uit het centrum sluiten als de feiten een dergelijke omvang aannemen dat men er zelfs aan denkt hem/haar later definitief uit het cvo te verwijderen. Deze voorlopige maatregel geldt zolang het onderzoek duurt en voor zover het belang van het onderwijs dit vereist.
Binnen de drie lesdagen na kennisname van de ordemaatregel heb je als cursist recht op overleg met de directeur.
Tegen een ordemaatregel kan geen beroep aangetekend worden.
2. De tuchtmaatregelen
De directeur van het CVO kan een tuchtmaatregel nemen als het gedrag van de cursist werkelijk een gevaar vormt voor het ordentelijk verstrekken van het onderwijs en/of de verwezenlijking van het eigen opvoedingsproject in het gedrang brengt.
De directeur zal tuchtmaatregelen nemen als de maatregelen van orde geen effect hebben of bij zeer ernstige overtredingen. Hieronder vallen overtredingen zoals opzettelijk slagen en verwondingen toebrengen, opzettelijk essentiële veiligheidsregels overtreden, opzettelijk en blijvend de lessen en activiteiten storen, zware schade toebrengen of diefstal plegen.
Er bestaan twee mogelijke tuchtmaatregelen:
een tijdelijke uitsluiting uit de lessen voor een maximale duur van 3 lessen.
Afwezigheden wegens tijdelijke uitsluiting als tuchtmaatregel worden van rechtswege als gewettigd beschouwd.
een definitieve uitsluiting uit het CVO.
De directeur spreekt deze maatregel uit na voorafgaand advies van de betrokken leerkrachten.
Een definitieve uitsluiting gaat in tijdens het schooljaar en uiterlijk op 31 augustus.
Een cursist die uit het centrum verwijderd werd, kan het volgende schooljaar én het daaropvolgende schooljaar geweigerd worden in het CVO.
Bij het nemen van een tuchtmaatregel worden in ieder geval de volgende regels gerespecteerd:
-
De tuchtmaatregel moet agogisch verantwoord zijn en in overeenstemming met de ernst van de feiten.
-
De betrokken cursist of de ouders van de minderjarige cursist, eventueel bijgestaan door een raadsman, worden voorafgaandelijk uitgenodigd voor een gesprek over de problemen.
-
De cursist of de ouders van de minderjarige cursist en hun raadsman hebben het recht tot inzage in het tuchtdossier.
-
De beslissing wordt gemotiveerd. Er wordt aangegeven waarom het gedrag van de cursist werkelijk een gevaar vormt voor het ordentelijk verstrekken van het onderwijs en/of de verwezenlijking van het eigen opvoedingsproject van het cvo in het gedrang komt.
-
De cursist of de ouders van de minderjarige cursist worden vóór het ingaan van de tuchtmaatregelen schriftelijk op de hoogte gebracht van de genomen beslissing en van de ingangsdatum ervan.
-
Er wordt nooit overgegaan tot collectieve uitsluitingen.
Binnen de drie lesdagen na kennisname van de tuchtmaatregel heeft de betrokken cursist of de ouders van de minderjarige cursist recht op overleg met de directeur.
De datum van het onderhoud wordt schriftelijk door de directeur meegedeeld.
3. Beroepsprocedure in geval van definitieve uitsluiting
Alleen tegen een definitieve uitsluiting als tuchtmaatregel kan in beroep worden gegaan.
Opstarten van het beroep
Vooraleer de beroepsprocedure kan worden opgestart, moet gebruik gemaakt worden van het recht op overleg met de directeur.
Het beroep moet schriftelijk en gemotiveerd worden aangetekend bij de algemeen directeur uiterlijk binnen de drie lesdagen nadat het overleg heeft plaatsgevonden.
Het beroep kan best per aangetekend schrijven gebeuren. Zodoende kan bewezen worden dat het beroep tijdig ingediend werd.
Beroepscommissie
-
De algemeen directeur duidt de beroepscommissie aan en roept deze zo snel mogelijk samen.
-
De beroepscommissie bestaat uit drie directeurs van de scholengroep.De directeur die de tuchtmaatregel heeft uitgesproken, maakt hiervan geen deel uit.
-
De beroepscommissie behandelt het beroep binnen een termijn van 3 lesdagen.
-
De beroepscommissie bevestigt of herziet de beslissing.
-
De algemeen directeur zal de gemotiveerde beslissing van de beroepscommissie aangetekend versturen uiterlijk de lesdag volgend op de dag van de beslissing in beroep. De directeur ontvangt hiervan een afschrift.
-
Binnen het GO! Onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap is er geen verder beroep meer mogelijk tegen de in beroep genomen beslissing.
Annulatieberoep
Na uitputting van de hierboven beschreven beroepsprocedure kan de cursist of de ouders van de minderjarige cursist echter een annulatieberoep of een verzoek tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij de Raad van State indienen. Dit moet gebeuren binnen een termijn van zestig kalenderdagen na kennisname van de beslissing van de beroepscommissie, overeenkomstig Titel 1, Hoofdstuk 1 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948.
De procedure heeft geen opschortende werking. Dit betekent dat de beslissing waarmee de cursist of de ouders van de minderjarige cursist het niet eens is, onmiddellijk uitgevoerd kan worden.
