Centrumreglement deel 3: Examen- en evaluatiereglement


1. De periode
2. De evaluatievorm
3. Deelname aan de evaluatie
4. Afwezigheid op evaluaties en examens
5. Inhaalevaluaties
6. Vrijstellingen
7. De evaluatiecommissie
8. Fraude
9. Als cursist heb je rechten: inspraak en inzagerecht
10. Elke cursist heeft recht op een eerlijke beoordeling. Beroepsprocedure tegen de beslissing van de evaluatiecommissie
1. De periode
We organiseren ten minste op het einde van elke module of leerjaar een evaluatie, of we passen het systeem van gespreide evaluatie toe.
De directeur bepaalt jaarlijks de exacte data van de evaluatieperioden.
2. De evaluatievorm
De vorm van de evaluatie wordt bepaald door de directeur, na raadpleging van de vakleerkrachten, en rekening houdend met de te beoordelen bekwaamheid.
Taalafdelingen alle niveaus: het systeem van gespreide evaluatie.
De overige afdelingen hebben de volgende mogelijkheden:
-
een schriftelijke proef,
-
een mondelinge proef,
-
een praktische proef (eventueel met mondelinge toelichting),
-
projecten (eventueel met mondelinge toelichting),
-
gespreide evaluatie,
of een combinatie hiervan.
Voor de stagemodules: praktische proef en/of evaluatie door de mentor.
Voor Centrale verwarming - Verbrandingscontrole en Controle van stookolietanks organiseert de school aanvullend een mondelinge proef met externe jury op het einde van de opleiding.
Voor de module Projectwerk van het Hoger beroepsonderwijs maken de cursisten een eindwerk dat zij tijdens een proef met jury presenteren.
In het gecombineerd onderwijs wordt ook een evaluatie van het gedeelte afstandsonderwijs voorzien.
De evaluatiecommissie kan in uitzonderlijke gevallen en op vraag van de cursist en de leerkracht een individuele wijziging in de evaluatiemodaliteiten toestaan. Deze beslissing wordt in het dossier van de cursist opgenomen.
De leerkracht bepaalt de hulpmiddelen die tijdens een evaluatie of examen zijn toegelaten.
De cursist moet zich houden aan de richtlijnen met betrekking tot de praktische organisatie van de evaluatie.
3. Deelname aan de evaluatie
Om aan een evaluatie te mogen deelnemen, moet een cursist:
-
voldoen aan de toelatingsvoorwaarden conform het nieuwe decreet van het volwassenenonderwijs,
-
geregeld de lessen gevolgd hebben,
-
het inschrijvingsgeld betaald hebben of hiervan volledig of gedeeltelijk vrijgesteld zijn,
-
voldoen aan de door het studieprogramma opgelegde verplichtingen in verband met de vereiste stages, practica, labo, seminaries en eindwerk of projectwerk,
-
zich aanbieden op de evaluatiedag zoals vastgelegd in het examen- en evaluatierooster.
4. Afwezigheid op evaluaties en examens
Als een cursist tijdens de evaluatieperiode gewettigd afwezig is of verhinderd is wegens overmacht, dan wordt dat uiterlijk dezelfde dag gemeld aan de directeur of zijn afgevaardigde. De directeur kan beslissen om de evaluatie te verplaatsen als de afwezigheid gestaafd wordt door een bewijsstuk. De bewijsstukken moeten uiterlijk de 3de dag na de evaluatie bij het CVO zijn ingediend.
Tegen de beslissing van de directeur kan geen beroep worden aangetekend.
Wie zonder verwittigen afwezig blijft, wordt afgewezen.
5. Inhaalevaluaties
De directeur kan een cursist toestaan binnen dezelfde evaluatieperiode een evaluatie af te leggen op een ander tijdstip dan vastgesteld in de evaluatieregeling.
Indien een cursist meent recht te hebben op een inhaalevaluatie, dient hij/zij dit aan te vragen bij de directie. Inhaalevaluaties worden steeds binnen de betreffende evaluatieperiode, in het centrum en na overleg tussen de directeur, de eventuele ombudsman of -vrouw en de betrokken lesgever georganiseerd.
Inhaalevaluaties worden enkel toegestaan indien de cursist een geldige reden heeft voor zijn/haar afwezigheid op een evaluatie.
Een geldige afwezigheid houdt echter niet automatisch het recht op een inhaalevaluatie in.
De directeur oordeelt, eventueel in overleg met de ombudsman of -vrouw, vóór de beraadslaging van de betreffende evaluatieperiode over een mogelijke verplaatsing van de evaluatie. Hij treft dan in overleg met de betrokken lesgever een nieuwe regeling die aan de cursist wordt meegedeeld.
6. Vrijstellingen
De directeur kan autonoom beslissen om een vrijstelling te geven voor een deel van de opleiding of een module. Zo’n vrijstelling geldt zowel voor het volgen van de lessen als voor de bijhorende evaluatieactiviteiten en kunnen leiden tot studieduurverkorting.
De directeur kan bepaalde opleidingsonderdelen uitsluiten van de mogelijkheid tot vrijstelling.
Een vrijstelling kan worden aangevraagd als je al een opleiding volgde (en je bezit daarvan een studiebewijs) dat naar niveau, inhoud en omvang in voldoende mate overeenstemt met het opleidingsonderdeel waarvoor je vrijstelling aanvraagt.
Je aanvraag moet schriftelijk gebeuren en op het secretariaat worden ingediend, samen met de nodige kopieën van je diploma, getuigschrift of attest, rapporten en evaluatieresultaten.
Je vindt een omschrijving van de procedure op onze inschrijvingspagina.
Wie zijn vrijstellingsverzoek niet kan motiveren, kan vragen om een vrijstellingsproef af te leggen.
Voorafgaandelijk is er altijd eerst een gesprek met de coördinator van de betrokken opleiding of een vakleerkracht. Op basis van hun advies kan worden beslist om een vrijstellingsproef te organiseren. De directeur oordeelt op basis van deze evaluatie of de vereiste kennis en vaardigheden voor het starten in een module/leerjaar bereikt zijn.
Het volledige vrijstellingsdossier met de beslissing van de directeur wordt in het dossier van de cursist opgenomen.
7. De evaluatiecommissie
Samenstelling en bevoegdheid
De evaluatiecommissie van een cursus bestaat uit volgende stemgerechtigde leden met elk één stem:
-
de directeur (voorzitter) of zijn afgevaardigde,
-
de leden van het onderwijzend personeel, belast met de onderwijs- en andere studieactiviteiten van de cursist.
De directeur kan andere leden tot de deliberatie toelaten. Zij zijn niet stemgerechtigd.
Bv.
-
de secretaris van de evaluatiecommissie,
-
de ombudsman of –vrouw,
-
de trajectbegeleider of opleidingscoördinator,
-
externe commissieleden en hun voorzitter.
De voorzitter stemt onmiddellijk mee en bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend.
De directeur regelt de werking van het evaluatiesecretariaat en wijst de secretaris aan.
De stemgerechtigde leden van de evaluatiecommissie hebben de plicht de beraadslaging bij te wonen. Enkel in geval van overmacht kan hiervan afgeweken worden.
Een lid van de evaluatiecommissie kan niet deelnemen aan de beraadslaging van de evaluatiecommissie voor de evaluatie van een bloed- of aanverwant tot en met de vierde graad.
De beraadslaging van de evaluatiecommissie is geheim. De leden zijn dus tot geheimhouding over de beraadslaging en de stemming verplicht.
De evaluatiecommissie is ook bevoegd voor alles wat niet expliciet inzake evaluatie in dit reglement vermeld staat.
Beslissing van de evaluatiecommissie
De beslissing van de evaluatiecommissie gaat over de leerstof van de volledige organisatieperiode en over de module/leerjaar waarvoor de cursist ingeschreven is.
Niveau secundair volwassenenonderwijs
Een cursist die 50% voor de module/leerjaar behaalt, is geslaagd.
De evaluatiecommissie verklaart een cursist geslaagd of niet-geslaagd.
De commissie kan beslissen om een bijkomende proef toe te staan en kan de modaliteiten hiervan bepalen.
Niveau hoger beroepsonderwijs
In de eerste evaluatieperiode verklaart de evaluatiecommissie een cursist geslaagd of niet-geslaagd. Een cursist die 50 % voor de volledige module behaalt en ook 50 % voor elk afzonderlijk onderdeel van de leerstof, is geslaagd.
Een niet-geslaagde cursist wordt uitgesteld of afgewezen.
Een afgewezen cursist wordt niet toegelaten tot de tweede evaluatieperiode.
Een cursist wordt afgewezen:
-
indien hij/zij niet op de evaluatiedag is komen tekenen,
-
bij een onvoldoende voor stages, practica of onderwijsactiviteiten die gedurende de organisatieperiode gespreid geëvalueerd werden en waarvoor een nieuwe beoordeling onmogelijk is,
-
indien fraude tijdens een evaluatie bewezen wordt geacht.
In de tweede evaluatieperiode verklaart de evaluatiecommissie een cursist geslaagd of niet-geslaagd onder dezelfde voorwaarden als in de eerste evaluatieperiode.
Een cursist die tijdens een evaluatieperiode voor één of meerdere evaluaties/evaluatieonderdelen ongewettigd afwezig was, wordt als niet geslaagd beschouwd.
Bekendmaking van de resultaten
De beslissing van de evaluatiecommissie wordt ten laatste 3 weken na de beraadslaging meegedeeld. Individuele, gedetailleerde resultaten worden vanaf dat ogenblik ter beschikking gesteld.
8. Fraude
Wie tijdens een evaluatie betrapt wordt op bedrog, wordt gehoord door de directeur of zijn afgevaardigde, in aanwezigheid van de toezichthouder. De evaluatiecommissie bepaalt de sanctie.
9. Als cursist heb je rechten: inspraak en inzagerecht
Als cursist heb je het recht je eigen kopij van de afgelegde toetsen, proeven en evaluaties in te kijken, na afspraak met de titularis of de vakleerkracht.
Je mag ook altijd je cursistendossier met alle relevante informatie inzien. Dit recht vervalt echter als het beroepsgeheim dit niet toelaat of als er zeer ernstige tegenaanwijzingen bestaan.
Voor bemiddeling bij een probleem kan je een beroep doen op de ombudsdienst van CVO Leerstad (zie deel 5 van dit reglement).
10. Elke cursist heeft recht op een eerlijke beoordeling.
Beroepsprocedure tegen de beslissing van de evaluatiecommissie
Onderzoek van een klacht i.v.m. evaluatie
Als een cursist tijdens of onmiddellijk na een evaluatie meent dat er onregelmatigheden zijn gebeurd (vb. buiten de leerstof ondervraagd, onheus behandeld, …), dan kan hij/zij tot drie werkdagen na de evaluatie klacht indienen bij de ombudsdienst.
De voorzitter van de evaluatiecommissie of zijn afgevaardigde stelt een onderzoek in en kan beslissen de evaluatie of een deel van de evaluatie te laten overdoen.
Deze procedure moet binnen drie werkdagen na indiening van de klacht afgehandeld zijn.
Bezwaar
De beslissing die een evaluatiecommissie neemt, is steeds het resultaat van een weloverwogen evaluatie in het belang van de cursist.
Als je als cursist de beslissing van de evaluatiecommissie niet kan aanvaarden, kan je ten laatste op de derde werkdag na de bekendmaking van de beslissing je bezwaren bekend maken. Dit kan via een persoonlijk onderhoud met de voorzitter van de evaluatiecommissie of zijn afgevaardigde.
Deze aanvraag kan zowel schriftelijk als mondeling - zelfs telefonisch - worden gedaan.
Tijdens dit onderhoud kan je inzage krijgen in het dossier en worden de elementen aangegeven die geleid hebben tot de genomen beslissing.
Er zijn drie mogelijkheden:
-
de cursist is ervan overtuigd dat de evaluatiecommissie de juiste beslissing heeft genomen en dan is de betwisting van de baan. De betwisting wordt ingetrokken.
-
de voorzitter van de evaluatiecommissie (of zijn afgevaardigde) meent dat de cursist redenen aandraagt die het overwegen waard zijn. In dit geval roept hij de evaluatiecommissie zo spoedig mogelijk opnieuw bijeen en wordt de aangevochten beslissing opnieuw overwogen. De evaluatiecommissie kan dan ofwel haar beslissing herzien en dan is het probleem opgelost, ofwel haar beslissing handhaven en dan blijft het probleem bestaan.Als de evaluatiecommissie opnieuw bijeenkomt, zal deze het resultaat van de bespreking schriftelijk en gemotiveerd aan de cursist meedelen, ongeacht het resultaat van de deliberatie.
-
de voorzitter van de evaluatiecommissie (of zijn afgevaardigde) meent dat de aangebrachte elementen geen nieuwe bijeenkomst van de evaluatiecommissie noodzakelijk maken. Dit wordt dan gemotiveerd aan de cursist meegedeeld.Wanneer de cursist het daarmee oneens is en de genomen beslissing onjuist vindt, blijft de betwisting bestaan.
Beroep
Als de betwisting blijft bestaan, kan je binnen een termijn van drie werkdagen na de betekening van de betwiste beslissing via de directeur schriftelijk beroep aantekenen bij de algemeen directeur.
Vooraleer je de beroepsprocedure kan opstarten, moet je gebruik maken van het recht op overleg met de voorzitter van de evaluatiecommissie (of zijn afgevaardigde).
De algemeen directeur roept de beroepscommissie samen.
De beroepscommissie bestaat uit tenminste drie leden:
-
de directeur,
-
personeelsleden aangewezen door de algemeen directeur. Zij maken geen deel uit van de evaluatiecommissie die de betwiste beslissing nam.
De algemeen directeur kan ook een beroep doen op een lid van de Pedagogische Begeleidingsdienst. De adviseur-coördinator wijst het lid aan dat van de beroepscommissie deel uitmaakt.
Advies van de beroepscommissie
De beroepscommissie beraadslaagt geldig als tenminste drie leden aanwezig zijn.
In het belang van het onderzoek kan ze om het even wie horen. De beroepscommissie motiveert haar adviezen en deelt ze mee aan de algemeen directeur.
De algemeen directeur beslist of de evaluatiecommissie al dan niet opnieuw moet samenkomen.
-
Als de evaluatiecommissie niet opnieuw moet samenkomen deelt de algemeen directeur dit onmiddellijk schriftelijk en gemotiveerd mee aan de cursist.
-
Moet de evaluatiecommissie wel opnieuw samenkomen, dan moet zij een definitieve beslissing nemen binnen een termijn van tien schooldagen na de beslissing van de algemeen directeur.Deze beslissing wordt schriftelijk en gemotiveerd aan de cursist meegedeeld.
Annulatieberoep
Als de beroepsprocedure binnen het GO! Onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap is uitgeput, kan de cursist evenwel een annulatieberoep of een verzoek tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij de Raad van State indienen binnen een termijn van zestig kalenderdagen nadat de cursist kennis nam van de beslissing van de algemeen directeur, respectievelijk van de evaluatiecommissie.
De procedure heeft geen opschortende werking. Dit betekent dat de beslissing waarmee de cursist het niet eens is, onmiddellijk uitgevoerd kan worden.
